Pinotage
De Pinotage druif, een unieke Zuid-Afrikaanse variëteit, is ontstaan ​​uit een kruising tussen Pinot Noir en Cinsault. Opvallend genoeg vertoont Pinotage weinig gelijkenis met zijn voorouder, Pinot Noir. Waar Pinot Noir vaak licht en soepel is, kan Pinotage eerder worden vergeleken met Syrah in termen van karakter.
Pinotage-druiven zijn klein, hebben een dikke schil en kunnen een hoog suikergehalte bereiken. De wijnen variëren van modern fruitig en ongehout, tot traditioneel kruidig en leerachtig, tot klassiek geconcentreerd, houtgerijpt en met potentieel voor rijping. Wanneer gerijpt op eiken, vertoont Pinotage tonen van kruiden, zwarte peper, munt, eucalyptus en viooltjes. De "unoaked" versie biedt aroma's van bananen, aardbeien, pruimen en kersen.
Pinotage gedijt het beste in relatief gematigde klimaten. In Zuid-Afrika wordt het voornamelijk geteeld in gebieden nabij de Atlantische of Indische Oceaan. Buiten Zuid-Afrika wordt Pinotage ook verbouwd in Californië, Brazilië en Nieuw-Zeeland. De druif geeft de voorkeur aan heuvels met bodems die gemiddeld tot goed water vasthouden.
Pinotage stond lange tijd bekend als bulkwijn, maar kreeg in de jaren '90 eindelijk internationale erkenning. Het wordt steeds vaker gebruikt als ondersteunende druif om structuur en stevigheid aan rode wijnen toe te voegen. Naast rode wijn worden er ook witte en rosé Pinotages geproduceerd.